Over cursus
E-learning Eerste Hulp (EHBO)
Voor wie is deze e-learning?
De E-learning Eerste Hulp (EHBO) is bedoeld voor iedereen die wil leren hoe eerste hulp wordt verleend bij ongevallen en acute ziektebeelden. De e-learning biedt een complete theoretische basis en bereidt u voor op de praktijktraining, waarin u de aangeleerde vaardigheden oefent onder begeleiding van een instructeur.
Wat leert u?
Tijdens deze e-learning leert u hoe u snel, veilig en verantwoord eerste hulp verleent. U leert een situatie te beoordelen, de juiste hulp te bieden en adequaat te handelen totdat professionele hulpverlening het overneemt. Daarbij staat de veiligheid van uzelf, het slachtoffer en omstanders altijd centraal.
Onderwerpen en vaardigheden
Tijdens deze e-learning komen onder andere de volgende onderwerpen aan bod:
- de basisprincipes van eerste hulp;
- veiligheid en het beoordelen van de situatie;
- het alarmeren van de hulpdiensten;
- bewusteloosheid en de stabiele zijligging;
- reanimatie en het gebruik van een AED;
- verstikking en verslikking;
- uitwendige bloedingen en wondverzorging;
- brandwonden;
- bot-, spier- en gewrichtsletsel;
- hoofd-, nek- en wervelletsel;
- acute ziektebeelden;
- vergiftigingen;
- hitte- en koudeletsels.
Praktijktraining
Na het succesvol afronden van de e-learning volgt een praktijktraining. Tijdens deze training oefent u onder begeleiding van een instructeur de belangrijkste eerstehulpvaardigheden, zodat u deze met vertrouwen en op de juiste wijze kunt toepassen.
Certificering
Na succesvolle afronding van de e-learning en de praktijktraining ontvangt u, indien aan de gestelde eisen is voldaan, het bijbehorende certificaat.
Cursus inhoud
Hoofdstuk 1 Eerste hulp: De eerste schakel in de hulpverleningsketen
-
De eerste schakel in de hulpverleningsketen
-
1.1 De eerste hulpverlener
-
1.2 Het slachtoffer
-
1.3 Zorgen voor professionele hulp
-
1.3.1. Wanneer bel je 1-1-2?
-
1.4 Emotionele reacties
-
1.5. Besmetting en infectiegevaar
-
1.6. Omgevingsinvloeden
Hoofdstuk 2 Het menselijk lichaam
-
Het menselijk lichaam
-
2.1 Cellen, weefsels en organen
-
2.2 Orgaanstelsels
-
2.3 Zintuigen
-
2.4 Huid- en slijmvliezen
-
2.5 Bot- en het spierstelsel
-
2.6 Lichaamstemperatuur
Hoofdstuk 3 Verleen verantwoorde eerste hulp
-
Verleen verantwoorde eerste hulp
-
3.0. Eerste hulp en levensreddend handelen
-
3.1 Vitale functies
-
3.1.1. Het bewustzijn (Airway)
-
3.1.2. De ademhaling (Breathing)
-
3.1.3. De bloedsomloop (Circulation)
-
3.1.4. ABC- benadering: Onderzoek van de drie vitale functies
-
3.1.5. Overige letsels en ziekten
-
3.2 Verplaatsen slachtoffer
-
3.2.0. Let op gevaar
-
3.2.1. Verplaatsen slachtoffer
-
3.2.2. Rautekgreep vanaf de grond
-
3.2.3. Rautekgreep vanaf de grond in stappen uitgelegd
-
3.3. Benaderen van een slachtoffer
-
3.3.1. Beoordelen van het bewustzijn
-
3.3.2. Hoe benader je het slachtoffer in stappen uitgelegd
-
3.4. Slachtoffer van buik naar rug draaien
-
3.4.1. Draaien van buik naar rug
-
3.4.2. Draaien van buik naar rug in stappen uitgelegd
-
3.5. Ademhalingscontrole bij een slachtoffer
-
3.5.1. Controleren ademhaling
-
3.5.2. Hoe voer je de ademhalingscontrole uit in stappen uitgelegd
-
3.6. Stabiele zijligging
-
3.6.1. Stabiele zijligging
-
3.6.2. Hoe voer je de stabiele zijligging uit
-
3.6.3. Hoe controleer je de ademhaling in de stabiele zijligging
Hoofdstuk 4 Spoedeisende Eerste Hulp
-
Spoedeisende Eerste Hulp
-
4.1. Eerste hulp bij verslikking
-
4.1.1. Verslikking
-
4.1.2. Kenmerken verslikking
-
4.1.3. Het verschil tussen Effectief hoesten of Niet-effectief hoesten
-
4.1.4. Het slachtoffer hoest effectief wat nu?
-
4.1.5. Het slachtoffer hoest Niet-effectief wat nu?
-
4.1.5.1. Waneer gaan we borststoten?
-
4.1.6. Luchtwegbelemmering bij baby’s en kinderen
-
4.1.7. Lichte verslikking
-
4.1.8. Ernstige verslikking
-
4.1.9. Vaardigheid ernstige verslikking bij baby jonger dan 1 jaar
-
4.1.10. Vaardigheid ernstige verslikking bij kind ouder dan 1 jaar
-
4.2. Reanimatie
-
4.2.1. Reanimatie wat is het?
-
4.2.2.Hartinfarct, hartfalen en circulatiestilstand – wat is het verschil?
-
4.2.3. De reanimatie met één hulpverlener en AED
-
4.2.4. Hoe voer je de borstcompressie uit?
-
4.2.5. Hoe voer je de beademing uit?
-
4.2.6. Zijn er nog bijzonderheden?
-
4.2.7. Extra maatregelen bij het reanimeren
-
4.2.8. Automatische Externe Defibrillator (AED)
-
4.2.9. Wat is een AED?
-
4.2.10. Hoe gebruik je een AED?
-
4.2.11. Reanimatie met twee eerstehulpverleners en AED
-
4.2.12. Zijn er nog bijzonderheden?
-
4.2.12.1. Kan een AED gebruikt worden op een persoon met een Pacemaker of ICD?
-
4.2.13. De reanimatie baby met één hulpverlener en AED
-
4.2.13.1. Reanimatie baby in stappen uitgelegd
-
4.2.13.2. Beademen baby met een beademingsmasker
-
4.2.14. De reanimatie kind met één hulpverlener en AED
-
4.2.14.1. Reanimatie kind in stappen uitgelegd
-
4.2.14.2. Beademen kind met beademingsmasker
-
4.3. Eerste hulp bij hevig bloedverlies
-
4.3.1. Actieve bloeding
-
4.3.2. Wat doe je bij een actieve bloeding
-
4.3.3. Hoe leg je het wonddrukverband aan?
-
4.3.4. Wonddrukverband aanleggen in stappen uitgelegd
-
4.3.4.1. Hoe leg je een traumazwachtel aan?
-
4.3.4.2. Traumazwachtel aanleggen in stappen uitgelegd
-
4.3.5. Levensbedreigend bloedverlies
-
4.3.5.1. Tourniquet bij een levensbedreigende bloeding
-
4.3.5.2. Aanleggen Hemostatisch gaas
-
4.4. Eerste hulp bij shock
-
4.4.1. Achtergrondinformatie shock
-
4.4.2. Symptomen van Shock
-
4.4.3. Uitvalsverschijnselen bij shock (shockcirkel)
-
4.4.4. Oorzaken van shock
-
4.4.5. Hoe verleen je Eerste hulp bij shock?
-
4.4.6. Eerste hulp bij Anafylaxie
-
4.4.7. Achtergrondinformatie anafylaxie
-
4.4.8. Symptomen van Anafylaxie
-
4.4.9. Oorzaken van Anafylaxie
-
4.4.10. Hoe verleen je eerste hulp bij Anafylaxie?
-
4.5. Hartinfarct
-
4.5.1. Wat is een hartinfarct
-
4.5.2. Symptomen van een hartinfarct
-
4.5.3. Oorzaken van een hartinfarct
-
4.5.4. Hoe verleen je Eerste hulp bij een hartinfarct?
-
4.6. Beroerte
-
4.6.1. Achtergrondinformatie beroerte
-
4.6.2. Symptomen van een beroerte
-
4.6.3. Hoe verleen je Eerste hulp bij een beroerte?
-
4.7. Epilepsie
-
4.7.1. Wat is epilepsie
-
4.7.2. Hoe ontstaat epilepsie
-
4.7.3. De vier meest voorkomende aanvallen
-
4.7.4. Mogelijke oorzaken van epilepsie
-
4.7.5. Hoe verleen je eerste hulp bij epilepsie?
-
4.7.6. Kleine epileptische aanval
-
4.8. Flauwte
-
4.8.1. Wat is een flauwte
-
4.8.2. Symptomen flauwte
-
4.8.3. Wat zijn de oorzaken van flauwte
-
4.8.4. Hoe verleen je Eerste hulp bij een flauwte?
-
4.9. Paniekaanval
-
4.9.1. Wat is een paniekaanval
-
4.9.2. Wat zijn de verschijnselen van een paniekaanval
-
4.9.3. Hoe ontstaat een paniekaanval
-
4.9.4. Hoe verleen je Eerste hulp bij een paniekaanval?
-
4.10. Suikerziekte
-
4.10.1. Wat is diabetes
-
4.10.2. Welke soorten diabetes zijn er
-
4.10.3. Symptomen van een hypo of hyper
-
4.10.4. Hoe verleen je Eerste hulp bij diabetes?
-
4.11. Eerste hulp bij wervelletsel
-
4.11.1. Wat stel je vast bij wervelletsel
-
4.11.2. Hoe verleen je Eerste hulp bij wervelletsel?
-
4.11.3. Immobiliseren van het hoofd
-
4.11.4. Schedel- en hersenletsel
-
4.11.4.1. Klachten enige tijd na het ongeval
-
4.12. Astma
-
4.12.1. Wat is astma?
-
4.12.2. Symptomen van astma
-
4.12.3. Omgaan met astma
-
4.12.4. Inhouden ademhaling
-
4.13. Borstletsel
-
4.13.1 Eerste hulp bij borstletsel
-
4.13.2 Eerste hulp bij borstletsel in stappen uitgelegd
-
4.14. Koortsstuip
-
4.15. Hersenvliesontsteking
Hoofdstuk 5 Niet Spoedeisende Eerste Hulp
-
Niet Spoedeisende Eerste Hulp
-
5.1. Wonden
-
5.1.1. Oorzaken en kenmerken van wonden
-
5.1.2. Eerste hulp bij wonden
-
5.1.2.1. Eerste hulp bij kleine wonden
-
5.1.3. Steriel afdekken van drie wonden
-
5.1.4. Hechtstrips
-
5.1.5. Splinters
-
5.1.6. Wrijvingsblaren
-
5.2. Eerste hulp bij verbranding
-
5.2.1. Wat is een brandwond
-
5.2.2. Ernst van een brandwond
-
5.2.3. Oorzaken van brandwonden
-
5.2.4. Diepte van een brandwond
-
5.2.5. Wat is de Eerste hulp bij brandwonden
-
5.2.5.0. Regel van negen
-
5.2.5.1. Hydrogel
-
5.2.6. Eerste hulp brandwonden in stappen uitgelegd
-
5.2.7. Doven van vlammen
-
5.3. Eerste hulp bij botbreuken
-
5.3.1. Hoe ontstaan botbreuken
-
5.3.2. Soorten botbreuken
-
5.3.3. Wat is een ontwrichting
-
5.3.4. Hoe ontstaat een ontwrichting
-
5.3.5. Kenmerken van een botbreuk / ontwrichting
-
5.3.5.1 Eerste hulp bij botbreuken
-
5.3.5.2. Eerste hulp bij ontwrichting
-
5.3.6. Eerste hulp handelingen bij botbreuken apart uitgelegd
-
5.3.7. Behandeling open botbreuk aan been
-
5.4. Eerste hulp bij kneuzing en verstuiking
-
5.4.1. Wat is het verschil tussen kneuzing en verstuiking
-
5.4.2. Meest voorkomende oorzaken
-
5.4.3. Symptomen kneuzing en verstuiking
-
5.4.4. Eerste hulp bij kneuzing of verstuiking
-
5.4.5. Eerste hulp toepassen bij een verstuikte enkel
-
5.4.6. Aanleggen steunverband verstuikte enkel in stappen uitgelegd
-
5.4.7. Eerste hulp toepassen bij een verstuikte pols
-
5.4.8. Aanleggen steunverband verstuikte pols in stappen uitgelegd
-
5.4.9. Spierletsel
-
5.5. Eerste hulp bij oogletsels
-
5.5.1. Het oog
-
5.5.2. Oogletsels kan ontstaan door
-
5.5.3. Waaraan herken je oogletsel
-
5.5.4. Vijf verschillende oogletsels plus het behandelen
-
5.5.5. Gevaarlijke stoffen op de huid of in de ogen
-
5.5.6. Oorpijn
-
5.6. Eerste hulp bij een bloedneus
-
5.6.1. Hoe ontstaat en herken je een bloedneus
-
5.6.2. Eerste hulp handelingen bij een bloedneus apart uitgelegd
-
5.7. Eerste hulp bij een schaafwond
-
5.7.1. Wat is een schaafwond
-
5.7.2. Oorzaken van een schaafwond
-
5.7.3. Symptomen van een schaafwond
-
5.7.4. Typen schaafwond
-
5.7.5. Wat moet je doen bij een schaafwond
-
5.7.6. Eerste hulp handelingen bij een schaafwond apart uitgelegd
-
5.8. Vergiftiging
-
5.8.1. Eerste hulp bij vergiftigingen
-
5.8.2. Extra: Voorbeelden van vergiftigingen
-
5.8.3. Inademen rook, gas of een chemische stof
-
5.9. Elektriciteitsletsels
-
5.9.1. Eerste hulp bij elektriciteitsletsels
-
5.9.2. Ongevallen door hoogspanning
-
5.10. Warmte letsels
-
5.10.1 Hittekramp
-
5.10.2. Hitte-uitputting of hittestuwing
-
5.10.3. Hitteberoerte
-
5.11. Koude letsels
-
5.11.1. Bevriezingswonden
-
5.11.2. Lichte onderkoeling
-
5.11.3. Ernstige onderkoeling
-
5.12. Gebitsletsels
-
5.12.1. Eerste hulp bij een uitgeslagen tand
-
5.12.2 Eerste hulp bij een tand door de lip
-
5.12.3. Kiespijn
-
5.13. Beten en steken
-
5.13.1. Tekenbeet
-
5.13.2. Zeediersteken
-
5.13.3. Slangenbeten
-
5.13.4. De eikenprocessierups
-
5.13.5. Insectensteek
-
5.14. Ziekteklachten en kinderziekten
-
5.14.1. Koorts
-
5.14.2. Hoofdpijn
-
5.14.3. Rugpijn
-
5.14.4. Buikpijn
-
5.14.5. Misselijkheid, braken en diarree
-
5.14.6. Uitdroging
-
5.14.7. Allergieën
-
5.14.8 Kinderziekten
-
5.15. Samenvatting
-
Toets